Maandelijks archief: juni 2016

Wie zijn jullie?

Beste vrienden,

Ik heb de laatste weken tot mijn grote verbazing nog enkele keren mogen ondervinden dat ik nog altijd niet besef wie jullie allemaal zijn. Jullie zijn met veel meer dan ik ooit heb durven dromen. Ik had nooit gedacht dat zoveel mensen zouden geïnteresseerd zijn in de banale dingen van mijn leven.

Omdat ik ook wel wil weten wie jullie zijn, probeer ik even te polsen met deze eenvoudige poll. Eén onnozel vraagje en jullie zijn ervan af. Ik hoop zo toch iets van jullie te weten te komen.

Niet dat ik van plan ben mij aan te passen aan de “wensen van het publiek”. Het Europees Kampioenschap heeft nog eens aangetoond dat je moet uitgaan van je eigen krachten en dat ben ik ook van plan. Ik schrijf en zal blijven schrijven wat ik denk te moeten schrijven. Op deze leeftijd hoef ik van niemand lessen te krijgen over wat ik mag zeggen en wat niet. Als iemand dat niet graag leest, is dat zijn probleem, niet het mijne.

Dit betekent natuurlijk niet dat je het altijd en overal met mij eens moet zijn. Ik hou van een (h)eerlijke discussies met goede argumenten. Ik zou jullie zelfs willen uitnodigen om dergelijke discussies aan te gaan. Ik beloof jullie dat degelijke standpunten met goed argumenten een plaats krijgen in deze blog. Waar wachten jullie nog op?

Uit enkele gesprekken heb ik gemerkt dat er ook over mijn blog gepraat wordt. Dat is het grootste compliment dat je mij kunt geven. Ook ik ben natuurlijk altijd bereid om hierover met iemand in gesprek te gaan. Ook dit is een uitnodiging: als je me tegenkomt, en ik kom er ongetwijfeld zeer veel van jullie tegen, aarzel dan niet om mij over een spinsel aan te spreken, ten minste als jullie daar zin in hebben. Ik heb daar altijd zin in.

Deze poll is gewoon een kleine test om te zien wie ik met deze spinsels bereik. Ik hoop niet op een Nobelprijs maar ik ben wel blij met elke lezer die ik met deze spinsels kan raken.

 

Een uniek moment

Opgedragen aan Jef, een klein mannetje van 88 jaar maar een zeer groot mens.

Laten we Jef eerst voorstellen. Jef is mijn tafelgenoot geworden na mijn verbanning van mijn eerste plaats in Dijlehof. Ook al blijf ik dit een onrechtvaardige maatregel vinden, heeft dit er wel voor gezorgd dat ik Jef heb leren kennen en daar ben ik wel blij om. Ik moet toegeven dat Jef de enige tafelgenoot is waarmee ik altijd heb kunnen praten. Niet dat het een spraakwaterval is maar als hij iets zegt is het samenhangend en hij is altijd aanspreekbaar, iets dat van de andere vaste tafelgenoten niet kan gezegd worden. Ik laat de tijdelijke tafelgast Tom even buiten beschouwing want die hebben we helaas maar een paar dagen mogen meemaken.

Jef is dus 88 jaar maar nog verrassend zelfstandig. ’s Morgens eet hij op zijn kamer, maar ’s middags en ’s namiddags komt hij meestal zonder hulp aan tafel. Het helpt wel dat zijn kamer zich op dezelfde verdieping als de refter bevindt maar in tegenstelling tot de meeste andere bewoners heeft hij geen hulp nodig, elke maaltijd komt hij met zijn rollator en zijn stok rustig afgestapt. Aan tafel heeft hij het meeste plezier met al dan niet bedoeld grappige uitspraken van tafelgenoten en met de onhandigheid van zijn overbuur.

Van zijn verleden weet ik niet zo veel, alleen dat hij apotheker is en altijd een apotheek gehad heeft in de Pakenstraat en dat een van zijn eerste jobs een vervanging (of een stage, dat weet hij zelf niet meer) was in de apotheek in het huis de Ploegh in de Mechelsestraat, waarschijnlijk de apotheek in de mooiste locatie van heel Leuven en de verre omtrek.

Dit manneke van iets meer dan anderhalve meter heeft mij ongetwijfeld onbewust misschien wel het meest ontroerende moment tijdens mijn verblijf in Dijlehof bezorgd. Het was op Vaderdag en na een lekker middagmaal kregen we als dessert een stuk taart en Jef kreeg een stukje met de tekst “voor mijn lieve vader”. Wij zullen wel nooit weten waarom maar plots kwamen er tranen in zijn ogen en Jef huilde als … ik zou zeggen als een klein kind, maar dat is Jef oneer aandoen, want deze emoties waren echt. Dit was zo aandoenlijk, zo natuurlijk, zo gevoelig dat iedereen er stil van werd.

Ik heb me sindsdien al vaak afgevraagd wat er toen in dat hoofdje omging. Welk feit uit een achtentachtigjarige geschiedenis lag aan de basis of was het een combinatie van gedachten en emoties die dit uitbarsten van gevoelens veroorzaakte. We zullen het waarschijnlijk nooit weten en ik moet het ook niet weten. Voor mij blijft dit een moment met meer emotie als in twintig jaar “Thuis” en “Familie” samen. Dit was echt.

Ik ben terug

Een positief spinsel op verzoek

Op verzoek wordt dit een spinsel waarin ik mij niet ga kwaad maken. Voor alle duidelijkheid, om het met de woorden van Johan Verminnen te zeggen: “Ik voel me goed”. De kwaadheid in vorige spinsels is dus geen uiting van mijn persoonlijke gemoedstoestand maar veeleer een uitdrukking van mijn persoonlijke betrokkenheid. In mijn kwaadheid viseer ik altijd systemen. Als ik daarbij per ongeluk ook mensen geraakt heb, en iemand zich ook persoonlijk gekwetst voelt, wil ik me daarvoor oprecht verontschuldigen.

Maar deze keer verder geen geklaag. Trouwe lezers – ik blijf me verbazen waar jullie allemaal vandaan komen – kennen mijn manieren om op een positieve manier uit te drukken dat ik me goed voel: danken en mijn plannen bekend maken. Door te danken wil ik vooral uitdrukken dat mijn goed voelen niet alleen mijn verdienste is maar dat dit pas mogelijk is met de hulp van velen. Aangezien ik niet altijd iedereen kan bedanken, moet ik vaak een keuze maken. Om weer een aantal misverstanden de wereld uit te helpen, wil ik hier mijn oprechte dank uitspreken voor iedereen die daar recht op heeft maar die nog niet vernoemd is.

Deze keer gaat mijn aandacht en dank uit naar mensen in het Leuvense. Zij zorgen er vooral voor dat ik me hier in Leuven echt thuis voel. Dezelfde trouwe lezers zullen ook weeral doorhebben welke groepen ik bedoel. Zo worden deze spinsels wel zeer voorspelbaar.

Mijn eerste pluim van de dag (van de week, van de maand, van het jaar, lifetime achievement) gaat nog maar eens naar al mijn collega’s van 2Bergen: en ik bedoel hier letterlijk alle collega’s: van Gasthuisberg en van Arenberg, mijn oude en mijn nieuwe bazen, degene waarmee ik al jaren samenwerk en de kakelverse collega’s, vaste medewerkers en vrijwilligers, informatiespecialisten, medewerkers van de publieke diensten en “motorrijders”, collega’s die ik altijd zie en zij die ik bijna altijd mis, en zij die ik nog niet vernoemd heb, maar toch mijn collega’s zijn: jullie zijn allemaal fantastisch. Als er nog eens een prijs wordt gegeven aan de beste werkomgeving, nomineer ik jullie onmiddellijk. De manier waarop ik zelfs na een jaar afwezigheid telkens weer begroet word – door iedereen, zonder uitzondering – is echt hartverwarmend.

Ik zal mijn “bazen” ook eeuwig dankbaar voor de manier waarop ik bijna geruisloos uit het beroepsleven ben kunnen stappen, zonder enige druk. Ik heb alle beslissingen zelf kunnen nemen. En ik blijf het herhalen: Hilde, jouw “Fuck the system” (“Dat is voor ons de beste optie maar die wil ik niet”) vergeet ik nooit.

Laat nog een ding duidelijk zijn, deze collega’s wil ik niet kwijt. Zolang ik nog in Gasthuisberg en Arenberg geraak, kom ik jullie regelmatig opzoeken en weiger ik te spreken van ex-collega’s.

Dezelfde superlatieven kunnen bovengehaald worden voor de tweede groep die ik hier nog eens in de bloemetjes wil zetten: alle collega’s gidsen van Leuven+. Zij hebben er in ieder geval voor gezorgd dat ik me onmiddellijk in Leuven heb thuis gevoeld. Ik was nog maar net in Leuven gearriveerd en ik werd al een hele Erfgoeddag op sleeptouw genomen. Gewoonweg zalig was dat. Het was onmiddellijk duidelijk: hier ben ik thuis, hier ga ik niet meer weg! Dat gevoel wordt alleen maar sterker bij elke ontmoeting. Jullie doen me een jaar afwezigheid gelijk vergeten alsof ik nooit ben weggeweest.

Uit mijn plannen zal wel snel blijken dat ik Leuven+ ook niet vergeten ben. Ik zit nog vol ideeën voor onze Leuvense Gidsenbond. Eigen aan een Parkinsonpatiënt is het feit dat geen enkel plan definitief is. Je leert te leven met omstandigheden die je dwingen plannen aan te passen. De richting die je uit wil blijft dezelfde maar je past de weg wat aan. Dit geldt zeker ook voor wat volgt.

De plannen die ik wil voorstellen, situeren zich op twee niveaus. Een eerste reeks situeert zich volledig in Leuven en hebben te maken met Leuven+.  Een tweede reeks heeft te maken met mijn activiteiten voor de Vlaamse Parkinsonliga. Om de voorspelbaarheid nog een beetje op te drijven wil ik ook al twee thema’s verklappen: informatie delen en informatievaardigheden.

Binnen het kader van Leuven+ wil ik extra werk maken van informatie delen en heb daarvoor vijf actiedomeinen geselecteerd:

  • Ik wil het verlies van onze oude bibliotheek doen vergeten door te werken aan een nieuwe digitale bibliotheek. Deze bibliotheek zal geen locatie hebben maar zich situeren in de digitale ruimte. Voor de rest zal ze alles hebben wat een gewone bibliotheek ook heeft: een catalogus, gebruikers met bepaalde rechten en zelfs een bibliothecaris die over die rechten waakt. Ik ben ondertussen begonnen met de collectievorming.
  • Ik wil er ook voor zorgen dat alle gidsen van Leuven+ eindelijk beseffen dat de geschiedenis van de universiteit niet stopt in de meidagen van 1968. Ik wil ervoor zorgen dat geen enkele gids niet meer weet hoeveel faculteiten de universiteit heeft. Gidsen van Leuven+ moeten niet weten hoeveel jongens- en meisjesstudenten er precies zijn. Zij zouden wel moeten weten waar ze dit kunnen terugvinden.
  • Bij het volgende project komt voor de eerste keer Parkinson op de proppen. Nu P. ervoor gezorgd heeft dat ik niet meer op straat mijn ding kan doen, ben ik op zoek gegaan naar andere manieren om onze stad bij de mensen te brengen. Ik heb daarbij mijn wagentje handig aangehaakt aan een initiatief van anderen en ben ook begonnen met wat we voorlopig “virtuele” of “digitale wandelingen” noemen, wat weleens voor rare reacties zorgt: “wandelen met zo slecht weer.” We zouden ook stadsspelen en stadsquizzen kunnen ontwikkelen. We moeten dan ook weleens goed nadenken hoe we die nieuwe producten op de “markt” gaan brengen.
  • is wel zeer betrokken bij het volgende plan. Ik zou graag samen met enkele geïnteresseerde gidsen een aantal Parkieswandelingen willen uitwerken: wandelingen aangepast aan Parkinsonpatiënten. Deze wandelingen behandelen dezelfde thema’s maar de aanpak wordt aangepast. Één aandachtspunt om al over na te denken: deze wandelingen zouden geen tussenstoppen mogen hebben, … Wie hierover mee wil nadenken, is bij deze uitgenodigd.
  • Het laatste van mijn vijf plannen voor Leuven+ sluit een beetje aan bij het vorige. Het sluit ook aan bij een van de mooiste initiatieven van Leuven+ van de jongste jaren: specifieke activiteiten voor mensen met een beperking. In dat kader ben ik begonnen met het verkennen van trajecten die toegankelijk zijn voor rolstoelgebruikers. Mijn droom is te komen tot een stadskaart met een toegankelijk knooppuntennetwerk. Ik hoop dat Dijlehof (en andere RVT’s) af en toe eens een traject willen uitproberen.

Voorlopig heb ik voor de Vlaamse Parkinsonliga plannen op twee domeinen

  • Vooreerst blijf ik zeker actief als correspondent voor het VPL-tijdschrift en ik denk dan aan drie reeksen bijdragen: een cursus informatievaardigheden, een reeks “Parkinson voor Parkies” en een aantal internettips.
  • Ten slotte ben ik met veel enthousiasme ingegaan op de vraag van Lut om tegen het volgende jaar (200 jaar Parkinson) te komen tot een vernieuwde reeks brochures over Parkinson voor het grote publiek. Ik krijg hier dus de kans mijn informatievaardigheden te tonen aan de buitenwereld en dat ten gunste van de ziekte van Parkinson: een droom wordt werkelijkheid.

Eindconclusie: ik zit nog barstensvol plannen en ideeën. Ik ben dus terug!