Café vriendenkring

Een mid weeks tussendoortje omdat ik er zondag niet toe kwam.

In de volgende lijntjes wil ik kort proberen weer te geven waarom ik de naam van het wereldcafé voor dit spinsel even heb veranderd.

De eerste reden kan ik niet beter uitleggen dan met een anekdote.

Vorige zaterdag ging ik met mijn broer, schoonzus, hun dochter en haar nog verse echtgenoot eten in het wereldcafé. Marc had normaal dienst vanaf 5:00 uur maar was al daar om 1:00 uur omdat hij wist dat ik kwam. Mijn gasten hebben echt genoten van het lekkere eten, de hartelijke ontvangst, en de vriendelijke sfeer van het café.

Toen mijn gasten weg waren, ging ik even weer naar het café en wat ik toen zag wil ik hier kort schetsen. Er was onder andere een grote groep met kinderen, die ook iets wou eten. Een jongetje lustte geen bruin brood en vroeg dan maar wit brood. Aangezien gewoon wit brood niet aanwezig was, moest er een andere oplossing gezocht worden. Dat werd een spie uit een rond Marokkaans brood dat speciaal voor de jongen uit de verpakking werd gehaald. Resultaat: de jongen blij en Mark blij omdat hij weer kon helpen.

Mijn schoonzus was de kindvriendelijkheid van het café opgevallen. Ik zou dit willen uitbreiden tot “vriendelijkheid” in al zijn betekenissen. Dat geldt in de eerste plaats voor de groep vrijwilligers die in dit café actief is. Dat is een echte vriendenkring waarin een nieuweling zich direct thuis voelt. Dit spinsel is een eerste maar zeker geen laatste eerbetoon aan deze nieuwe vriendenkring.

Mijn lezers van het eerste uur zijn gewaarschuwd: ook het wereldcafé, of hoe ik het ook nog zal noemen, zal regelmatig opduiken in deze spinsels. Aan de nieuwe lezers van het wereldcafé: van harte welkom bij deze spinsels en in mijn vriendenkring.

Een echt verhaal

Dit is geen fictie. Geen enkele gelijkenis met reële personen is toevallig. De namen van de personen heb ik om privacy redenen vervangen door een code maar het zijn echte mensen van vlees en bloed en ze hebben één gemeenschappelijk kenmerk dat jullie, lezers, mogen raden.

Ons verhaal speelt zich af op twee locaties: het wereldcafé en het Dijlehof. Laten we in het wereldcafé beginnen. Daar treffen we in de eerste plaats X1 aan. Ik heb X1 leren kennen via mijn broer. Zij kenden elkaar via vergaderingen van een centrum voor geestelijke gezondheidzorg. Mijn broer was daar als vertegenwoordiger van een organisatie van en voor psychisch kwetsbare patiënten X1 was daar als bestuurder van het centrum. Ondertussen is X1 voorzitter geworden van de coöperatieve vereniging die het wereldcafé openhoudt.

In het wereldcafé komen we ook X2 en X3 tegen die daar werken als tappers. X2 heb ik 20 à 30 jaar geleden leren kennen als verantwoordelijke van het 11-11-11-comité van Heverlee op een bijeenkomst van comités van de provincie Vlaams-Brabant. Ik was toen nog verantwoordelijke voor de 11-11-11-actie in Pamel-Roosdaal. Daar ben ik allang mee gestopt maar X2 trekt nog steeds het comité in Heverlee en is daar onder meer verantwoordelijk voor het jaarlijkse ontbijt ten voordele van de actie. Deze job combineert hij nog met een vrijwillige taak in een wereldwinkel en met een job als tapper in het wereldcafé.

Ook X3 is tapper in het wereldcafé. Hij begon zijn professionele carrière als dakwerker in de zaak van zijn vader. Op latere leeftijd begon hij een opleiding als opvoeder. Toen crashte hij psychisch maar nu is hij er bovenop mede dankzij zijn werk als tapper in het wereldcafé.

Ook in het wereldcafé komen we X4 en X5 tegen. X4 is een gepensioneerde chauffeur van en naar de luchthaven. Nu vult hij zijn dagen op met vrijwilligerswerk voor een wereldwinkel en met het ophalen en terugbrengen van de bezoekers voor het centrum voor dagverzorging in het Dijlehof. Na deze ritten komt hij graag een Gageleer drinken in het wereldcafé om dan met de fiets naar huis te rijden.

X5 organiseert als vrijwilliger af en toe een activiteit voor de bezoekers van het centrum voor dagverzorging. In Dijlehof werkt X5 ook mee aan het uitwerken van riksjatochten voor bewoners en daarvoor gaat hij regelmatig op verkenning met X6, een van de vrijwillige riksjapiloten. Na de dood van haar moeder is X6 actief gebleven als vrijwilligster en komt ze regelmatig van Schoten naar Leuven om hier te helpen bij de maaltijden en om met de riksja te rijden.

Op vraag van X1 verzorgt X5 ondertussen ook de lay-out van de nieuwsbrief en het e-zine van het wereldcafé en nu werkt hij ook mee aan een activiteit voor alle medewerkers van het café.

Een van die medewerkers is X7, de kok van het wereldcafé. Dit is een professionele kok die om gezondheidsredenen niet meer kan of mag doen waar hij goed in is en nu werkt als vrijwillige kok voor het wereldcafé. Dat hij ervaring heeft met een wereldkeuken, is mooi meegenomen.

In de keuken werkt ook een aantal vrijwillige helpers die groenten snijden, sauzen bereiden, … Een van hen is X8, een bewoner van een assistentiewoning in Dijlehof, die elke maandag komt meehelpen in de keuken.

Toevallig treffen we vandaag ook X9 aan in het wereldcafé. Zij is daar met haar vader die tot voor enkele maanden in een assistentiewoning woonde maar nu om gezondheidsredenen is verhuisd naar het woonzorgcentrum. Naast het bezoeken van haar vader helpt X9 ook regelmatig mee als begeleidster bij uitstappen van het woonzorgcentrum. Dat doet ook X10 die deze job als vrijwilliger combineert met die van tapper in de cafetaria van het Dijlehof.

Zo kennen we alle personages van dit verhaal. Wat hen bindt is niet moeilijk te raden: hun vrijwillige inzet voor het wereldcafé en/of voor het Dijlehof. Zonder de inzet van zulke vrijwilligers zouden vele initiatieven onmogelijk zijn en zou onze samenleving veel killer en onvriendelijker zijn. Al wat zij vragen is een beetje respect voor hun inzet en dat ze zonder veel paperassen gewoon hun werk kunnen verderzetten. Zij zijn – in evangelische woorden – het zout der aarde, en zoals een gekende lokake priester het zei: “frieten zonder zout smaken niet.”

Street art in Leuven

Dit wordt een spinsel voor kunstliefhebbers. Ik laat jullie mee genieten van wat in Leuven stilaan uitgroeit tot een openluchtmuseum voor Street art. Alles begon, voor mij tenminste, met een wandeling-fietstocht van Leuven-plus. Wij deden mee met de riksja van Dijlehof. Vervolgens werd deze wandeling uitgebreid tot een route voor de riksja. Ondertussen zijn we ook bezig met het uitwerken van een wandeling voor de vrijwilligers van het wereldcafé en denkt men ook bij Leuven-plus luidop aan de uitwerking van een wandeling over Street art. Dit project krijgt dus niet een maar enkele staartjes.

Laten we nu genieten.

@ Brugbergpad
Gijs Van Hee @ Brugbergpad
Robbe VM @ Brugbergpad
@ Camilo Torres
DinDin @ Camilo Torres
@ Hooverplein
@ stadspark
@ Tivolibrug
DinDin
Smates
Dzia
The Koi Fish
Bisser
Collin van der Sluijs & Super A
Hoodo

wie er nog niet genoeg van heeft, kan een kijkje nemen op http://u.osmfr.org/m/382145/ . Daar vind je een kaartje van Leuven met de verschillende locaties en bijhorende illustraties.

Veel plezier ermee.

Communicatie en/of informatie

De aanleiding voor dit spinsel is nog maar eens een van de gesprekken die ik had met Karin, de “beleidsmedewerkster” van het Dijlehof. Bij het begin van het gesprek vroeg ze eens waar ik me in mijn professionele bestaan mee bezighield. Daarop antwoordde ik dat ik me vooral met informatie bezighield. Daarop was weer haar reactie dat zij zich ook met communicatie bezighoudt. Nu is natuurlijk de vraag: communicatie en informatie, is dat hetzelfde? Ik wil daar direct een tweede vraag bij laten aansluiten: hoe zit dat met communicatie en informatie in het Dijlehof?

Maar laten we beginnen met het duidelijk definiëren van de begrippen waarover we het gaan hebben. Wikipedia definieert communicatie als “een activiteit waarbij levende wezens betekenissen uitrusten door op elkaars signalen te reageren.” Wikipedia gaat ervan uit dat communicatie in principe bidirectioneel is. Als er sprake is van een richting, wordt er – nog altijd volgens Wikipedia – eerder gesproken van “informeren”.

Informatie betekent nog steeds volgens Wikipedia “alles wat kennis vermeerdert en zo onwetendheid, onzekerheid of om bepaaldheid vermindert.” Deze, volgens mij, zeer veelzeggende definitie heeft enkele belangrijke consequenties. Zo is “slechte informatie “in feite een contradictio in terminis want deze “slechte informatie” vermeerdert onzekerheid en vermindert kennis. Dit is dus geen informatie. Communicatie is dus pas informatie als het kennis doet toenemen en het begrip “informeren” zoals Wikipedia het definieert wordt zo een dubbelzinnig begrip: informeren wordt informatie alleen als de kennis toeneemt.

Het is niet moeilijk voorbeelden te vinden waarbij communicatie geen informatie inhoudt. Dat hoeft daarom niet altijd negatief te zijn. Zo heeft communicatie ongetwijfeld ook een sociale functie los van het informatieve. Ook muziek beluisteren kan men in feite beschouwen als een vorm van communicatie (eventueel als een vorm van “informeren”). Misleidende communicatie, zoals daar zijn propaganda, reclame en marketingcommunicatie, bevatten geenszins informatie. Wie zich daarmee bezighoudt, beschouw ik geenszins als collega.

Ik denk dat hiermee de eerste vraag is opgelost, maar hoe zit het nu met de informatie en communicatie in het Dijlehof?

Er wordt hier misschien wel genoeg gecommuniceerd maar er wordt mijns inziens veel te weinig geïnformeerd. Veel communicatie vermeerdert amper de kennis en 1:00 uur nauwelijks informatie te noemen. Enkele voorbeelden om dit te illustreren.

  • De verslagen van de bewonersraden worden nauwelijks gelezen.
  • Veel bewoners kennen de verantwoordelijkheden van mensen zoals Karin (klachten en dergelijke) niet.
  • Bewoners met de ziekte van Parkinson, of familieleden van deze bewoners kennen de Parkinsonverpleegster, Sophie en de Parkinsonkinesitherapeute, Veerle niet.
  • Er bestaat nog steeds veel onduidelijkheid rond de namen van de verschillende entiteiten van het Dijlehof: woonzorgcentrum, Centrum voor dagverzorging, Hoogdijle, Neerdijle, Lessius … niet

Hoe komt dit?

Ik denk in de eerste plaats aan een verkeerde inschatting van het doelpubliek. Veel bewoners lezen de berichten ad valvas niet en heel veel bewoners hebben geen internet. In een aantal gevallen zit er duidelijk interne ruis op de communicatie en worden verkeerd begrepen boodschappen doorgegeven. Volgens mij in het tenslotte ook sprake van een vorm van informatie-overload waarbij belangrijke informatie wordt ondergesneeuwd door een overdosis aan positieve berichtgeving, of hoe teveel positieve informatie ook averechts kan werken.

De oplossing van dit probleem is gemakkelijker uit te leggen dan uit te voeren. Er is hier nood aan bijkomend informatiemanagement waarbij in de eerste plaats moet geluisterd worden naar de echte informatienoden van de bewoners. Eens men die kent, kan men op zoek gaan naar specifieke informatiekanalen die de informatie naar de ontvangers brengen. Ik zou hier durven pleiten voor een meer sporen beleid waarbij verschillende kanalen naast elkaar worden gebruikt zodat iedereen toch een kanaal vindt dat voor hem aangepast is.

Dit is misschien geen goed-nieuws-show maar beter slecht nieuws met informatie dan goed nieuws zonder informatie.