Tagarchief: plannen

Terug thuis in Leuven

Dit Spinsel draag ik op aan al mijn Leuvense vrienden.

Nu bijna twee maanden geleden ben ik weer in Leuven gearriveerd en ik heb nog nooit ze een heerlijk gevoel van thuiskomen gehad als de voorgaande weken. Eén ding is nu wel duidelijk geworden: ik hoor thuis in Leuven en nergens anders. Wie er ook maar aan denkt mij elders te kunnen verplanten, bewijst dat hij of zij me nog niet echt kent. Mij overplaatsen naar een andere plaats komt neer op spirituele euthanasie en is te vergelijken met het isoleren van de melaatsen op het schiereiland Kalaupapa op Molokai (zoek dat maar eens op).

Habitués van deze Spinsels – en ik heb nog maar eens mogen ervaren dat die groep groter is dan ik me kon voorstellen – weten dat mijn toekomstplannen een perfecte barometer zijn voor mijn gemoedstoestand. Uit de volgende paragrafen zal snel blijken dat ik effectief in goede doen ben: ik heb plannen in overvloed. Ik hoop alleen dat anderen geen roet in het eten komen gooien want zeker voor enkele plannen ben ik ook afhankelijk van de samenwerking met anderen. Overeenkomstig met wat ik eerder schreef, ga ik uit van de goede wil van de andere.

Voor het verdere verloop verwacht ik zeer veel van drie contacten die ik in de loop van de volgende weken hoop te kunnen leggen. Zij zullen mee bepalen wat kan en niet kan.

Vooreerst hoop ik (eindelijk) contact te kunnen leggen met het animatieteam van Dijlehof want ik hoop ook voor mijn tijdelijke buren iets te kunnen doen. Een virtuele rondleiding en/of een Ken-Uw-Stad-Quiz behoren zeker tot de mogelijkheden maar ik hoop vooral dat ze willen meewerken aan mijn project rond toegankelijkheid. Hun bijdrage zou eruit bestaan dat ze de trajecten zouden willen uitproberen die ik heb uitgestippeld. Gebaseerd op hun feedback wil ik komen tot een kaart waarop de toegankelijkheid van de Leuvense straten kan afgelezen worden.

In dit project zou ik de link kunnen leggen tussen mijn huidige situatie en mijn achtergrond als stadsgids, iets wat alleen in Leuven mogelijk is. Dit is dan ook het eerste onderwerp van mijn tweede essentiële contact, dat met Jo Celis. Jo is mijn geprefereerde contact met het bestuur van Leuven+. De gidsen hebben mij ondertussen al ruimschoots terug in hun kring opgenomen. Het bestuur is blijkbaar moeilijker bereikbaar maar met Jo als tussenpersoon moet dat zeker ook lukken.

Naast het bovenvermelde project rond toegankelijkheid heb ik nog enkele projecten die ik graag zou realiseren samen met enthousiaste collega’s gidsen, een paar oudere ideeëen en een paar nieuwe.

  • Ik zou het verlies van onze bibliotheek in het gidsenhuis graag willen doen vergeten door de uitbouw van een digitale bibliotheek.
  • Ik wil eindelijk werk maken van een oude droom: een actuele universiteitswandeling die niet eindigt in 1968 maar wel in de eenentwintigste eeuw.
  • Ik wil mijn afwezigheid als gids op straat compenseren door te werken aan andere vormen om onze geliefde stad te tonen aan de wereld: virtuele rondleidingen, stadsspelen, Ken-Uw-Stad-Quizzen, …
  • Ten slotte wil ik ook werk maken van een wandeling op maat van Parkinsonpatiënten. Deze Parkieswandeling kan over elk onderwerp gaan. Niet de inhoud moet aangepast worden maar de methodes.

Jo, wij hebben dus meer dan voldoende stof tot nadenken. Ik zou deze ideeën graag met jou eens aftoetsen. Beschouw dit spinsel gerust als een extra uitnodiging.

Ten slotte wil ik graag eens langsgaan op het secretariaat van de Vlaamse Parkinsonliga om ook die samenwerking eens deftig op de rails te zetten.

Meer dan plannen genoeg dus en voldoende energie om eraan te beginnen: voor wie er nog moest aan twijfelen. Ik zit weer goed in mijn vel.

Vraagtekens

Een week voor mijn ziekenhuisopname begin ik aan het waarschijnlijk laatste spinsel voor D-day.  Het wordt ook een spinsel met veel vraagtekens want vooruitkijken is nog nooit zo moeilijk geweest. Hoop en onzekerheid vechten om de eerste plaats in de hitparades van mijn emoties over te nemen van de frustratie. Want dat is het woord dat de huidige situatie het beste weergeef: frustratie. Elke dag is er wel een ogenblik dat het wenen me nader staat dan het lachen omdat ik er nog maar eens niet in slaag te doen wat ik wil doen en vaak gaat het om banale acties als rechtstaan, je goed leggen in je bed, je poep afkuisen na een toiletbezoek, …” Dat zijn de momenten dat ik het meeste uitkijk naar de operatie in de hoop dat deze blokkeringen ten minste tot een zeldzaamheid gereduceerd worden.

Anderzijds lees ik ook in betrouwbare informatiebronnen dat de diepe hersenstimulatie wel de klassieke motorische symptomen reduceert maar veel minder impact heeft op de psychische en cognitieve symptomen, die ook weleens de zachte symptomen genoemd worden. En dan beginnen de vragen op te borrelen. Is die angst voor nauwe en donkere doorgangen een gevolg van de bewegingsstoornissen of is dat een van de vele psychische stoornissen waar men helaas niets kan aan doen? Ik ga toch niet dement worden, zeker? Kan ik mij beschermen tegen cognitieve achteruitgang? Zo sterk ik hoop dat er einde komt aan die frustrerende blokkeringen, zo sterk is ook de onzekerheid over mijn cognitieve capaciteiten.

De vraag die mij in het vooruitzicht van 26 februari het meeste bezighoudt, is de volgende: moet ik tevreden zijn als toch al de bewegingsstoornissen verholpen zijn of mag ik hopen dat ik niet alleen beweeglijker word maar ook dat ik opnieuw optimistisch en met vertrouwen naar de toekomst kan kijken. In mijn naaste omgeving hoor ik weleens zeggen dat zij het al een succes zouden vinden als de dystonieën zouden verdwijnen. Natuurlijk zal ik ook blij zijn als ik van die kuren zal verlost zijn, maar ik hoop toch dat er ook op het vlak van de “zachte” symptomen verbetering zichtbaar en – wat mij vooral interesseert – voelbaar is. Wat het resultaat ook wordt, ik wil me in de toekomst blijven inzetten om informatie over de ziekte van Parkinson, als neurodegeneratieve ziekte, te verspreiden. (Dat zijn drie van de vier meest gebruikte tags in één zin.)

Als ik verder kijk dan de dagelijkse kwalen en opnieuw probeer echt naar de toekomst te kijken, dan hoop ik dat ik, zoals ik eerder schreef, durf gisteren te herinneren, te dromen van morgen en vandaag te leven. Ik hoop dat ik de woorden die ik toen schreef opnieuw in daden kan omzetten, wat de laatste weken of maanden niet meer lukte:

  • Blijf je concentreren op de richting, ook al heb je geen zicht op de eindbestemming.
  • Zet kleine stapjes indien mogelijk, vandaag nog als het kan. Als je elke dag één stapje kunt zetten, heb je na een week toch al zeven stappen in de juiste richting gezet.
  • Geniet van het leven. De reis is belangrijker dan het einddoel.

Praktisch komt dit erop neer dat ik hoop dat ik opnieuw een langere tijd (langer dan twee uren) actief kan blijven zodat ik eens kan doorwerken aan een van mijn projecten en op die manier kan voortwerken aan wat ik zinvol vind. Ik wil in feite opnieuw gewoon mijn ding kunnen doen en wat dat inhoudt, weten jullie ondertussen wel. Informatievaardigheden en informatie delen zijn daarbij de belangrijkste trefwoorden. Ik hoop op termijn terug een actieve rol te kunnen spelen in 2Bergen en daar verder te kunnen werken aan het informatievaardiger maken van toekomstige artsen, apothekers, … Mijn ervaringen met de geneeskunde en de gezondheidszorg hebben mij nog meer dan ik al was overtuigd van het belang hiervan voor de patiënt en de samenleving.

Ik heb ondertussen ook zelf ondervonden hoe belangrijk het is om als patiënt informatievaardig te zijn. Dit is dan ook de belangrijkste drijfveer voor mijn inzet voor de Vlaamse Parkinsonliga en/of de Parkinson Zorgwijzer.

Hoe mijn leven na 26 februari zal verlopen, durf ik niet voorspellen: Zal ik terug kunnen gaan werken? Hoe zullen we dat werk organiseren? Kies ik misschien voor vrijwilligerswerk? Zal ik vooral in het Leuvense of in de omgeving van Pamel leven? Kan ik zelfstandig wonen of zal ik beroep moeten doen op een vorm van beschermd wonen? Dit zijn maar enkele van de vele vragen die nu door mijn Parkinson-hoofd razen en die hopelijk vrij snel een antwoord zullen krijgen in de loop van de volgende maanden.  Ik denk dat ik wel nog een aantal maanden zal nodig hebben voordat mijn leven weer op de sporen zal staan. Ook de eindbestemming is nog onbekend, de richting denk ik wel te kennen. Wat ik ook doe, ik zal blijven werken met informatie en ik hoop dat ik dat kan blijven doen in verbondenheid met een aantal mensen die zeer veel voor mij betekenen en wiens steun ik nog hard zal nodig hebben.

In de eerste plaats denk ik nu aan de mensen in mijn naaste omgeving want ook al is het mijn leven, de keuzes die ik zal maken, zullen ook hun leven beïnvloeden.

Broers en zussen, schoonbroers en schoonzussen, ik richt mij nu tot jullie want de beslissingen die ik neem, zullen in de eerste plaats ook jullie leven beïnvloeden. Daarom hoop ik dat we de belangrijkste keuzes samen kunnen nemen. Laat mij niet alleen alle beslissingen nemen, maar geef mij jullie advies. Wat zouden jullie doen als jullie in mijn schoenen zouden staan?

Informatie is zeer belangrijk. Wij kunnen alleen maar goede keuzes maken als we beschikken over goede informatie. Ik zal natuurlijk zelf informatie zoeken – ik doe bijna niets anders – maar ik ben ervan overtuigd dat we samen meer vinden dan elk apart. Informatie is zoals liefde, je vermenigvuldigt ze door ze te delen. Ik hoop dan ook dat jullie mij willen steunen in mijn zoektocht naar informatie.

Parkinson heeft ongetwijfeld ook een deel van mijn zelfstandigheid weggenomen. Ik vrees dat ik in de toekomst meer en meer gebruik zal moeten maken van jullie hulp. Ik wil zo lang mogelijk zo normaal mogelijk leven. Voor mij betekent dat in de eerste plaats zo zelfstandig mogelijk kunnen en zoveel mogelijk mijn ding kunnen doen. Gelukkig leef ik in een tijd dat je met de hele wereld kunt informatie delen van in je werkkamer-bureel. Mijn laptop is voor mij mijn intellectuele poort naar de vrijheid: ik vind er de informatie die ik nodig heb, ik kan communiceren met vrienden om de hoek en aan de andere kant van de wereld? Toch zal ook ik soms eens letterlijk willen buiten komen. Mijn bewegingsvrijheid was al minder dan die van jullie en Parkinson heeft daar nog een stuk van afgesneden. Ik zal dan ook af en toe bij jullie moeten komen aankloppen om mij ook letterlijk te brengen waar ik wil.

Ik vind het bij deze en andere vormen van ondersteuning vooral belangrijk dat ik op voorhand kan inschatten waarop ik kan rekenen. Ik hoop dan ook dat jullie mij van in het begin kunnen zeggen wat ik van jullie kan verwachten. Een duidelijke nee is vaak veel beter dan een dubbelzinnige misschien.

Ik vraag ook jullie begrip voor mijn onzekere situatie. Parkinson zorgt ervoor dat ik niet altijd kan doen wat ik wil doen. Ik maak soms mooie plannen die ik helaas niet kan uitvoeren. Dat zorgt soms voor ontgoocheling die aanleiding kan geven tot emotionele hoogspanning. Dit wil ik graag zoveel mogelijk vermijden. Daarom beloof ik jullie dat ik zal proberen daarin zo eerlijk mogelijk te zijn en uit te leggen wat er fout ging. Van mijn kant vraag ik aan jullie dat jullie hierover met mij zouden praten. Ik hoor weleens zeggen: “ik begrijp dat” terwijl ik denk “jullie kunnen dat niet begrijpen want ik begrijp het zelf niet.” Ik vind het ook altijd vreemd een andere te horen uitleggen hoe ik mezelf voel. Soms kan ik het zelf ook niet uitleggen, dan zegt mijn gebrek aan woorden meer over mij dan wat een buitenstaander ervan maakt. Voor alle duidelijkheid, ik vraag niet dat jullie over mij en over mijn situatie zouden zwijgen. Ik vraag alleen dat jullie niet alleen over mij zouden praten, maar dat jullie ook met mij zouden praten. Wie deze spinsels leest, krijgt een eerste indruk van wat ik voel, maar sommige gevoelens zijn niet weer te geven met woorden. Dat heeft Bram Vermeulen goed begrepen als hij het schitterende “Woorden” schreef (https://youtu.be/I1zaAlTCD7A)

Beste collega’s van 2Bergen, jullie vriendschap is misschien wel het mooiste wat ik de laatste jaren heb mogen beleven. Elk contact, via mail, via telefoon of in levenden lijve, doen me alle momenten van frustraties voor even vergeten en geven mij terug goesting terug naar de toekomst te kijken. En ik kan je verzekeren: dat is een toekomst met of in 2Bergen. Ik laat jullie niet meer los, en ik hoop dat jullie mij ook niet loslaten. Ik kan alleen maar herhalen wat ik al eens eerder schreef: blijf doen wat jullie tot nu toe zo schitterend gedaan hebben, blijf mij beschouwen als jullie collega die er nog altijd bij hoort.

Vrienden van de Leuvense gidsenbond, ik laat Leuven ook niet los en ik laat jullie niet los. Ik zal blijven doen wat ik als gids en als bestuurslid altijd gedaan heb: informatie over Leuven delen, nu niet meer op straat als gids of in de LGB-krant maar in mijn eigen Leuvense geschiedenissen. Zolang ik merk dat jullie mijn geschiedenissen blijven appreciëren, doe ik ermee voort. Ik heb zeker nog thema’s tot de zomer. Heimelijk hoop ik dat een of andere enthousiaste gids mee op de kar springt en zijn geschiedenissen aan de mijne toevoegt.

Ik vrees dat het echte gidswerk op straten en pleinen voor mij verleden tijd is. Ik hoop wel zo snel mogelijk terug te kunnen deelnemen aan een Ken-Uw-Stad- en/of Zomerwandeling. Op langere termijn hoop ik ook nog eens zelf te kunnen meewerken aan nieuwe wandelingen. Zo zou ik kunnen meebouwen aan een sterke gidsenbond die toeristen en Leuvenaars informeert en die Leuven niet alleen ziet als een marketingproduct. Mijn ultieme droom als Leuvense gids blijft het realiseren van een universiteitswandeling voor de eenentwintigste eeuw. Dit zou mijn dank u wel zijn aan alle vrienden-gidsen die mij niet vergeten zijn en mijn eerbetoon aan de vrienden-gidsen die er niet meer zijn: Willy Haeck, Elly Raaijmakers, Willy Brumagne, Werner Vlassak, Alfons Roeck en Inge Sevenants.

Het nieuwe actieterrein waar ik mijn eerste stappen gezet heb en dat ik na 26 februari verder zal verkennen, de Vlaamse Parkinsonliga, sluit in feite naadloos aan bij de andere: informatievaardigheden en informatie delen zijn ook hier de ordewoorden. Voorlopig wordt het VPL-magazine hierbij mijn actiedomein maar ik ben ook bereid om ook op andere manieren mee te werken aan het delen van informatie over de ziekte van Parkinson en aan het informatievaardig maken van de patiënten (website, documentatiecentrum, contacten met Parkinson Zorgwijzer, …) Ik denk dat Lut ondertussen kan inschatten wat ze aan mij heeft. Wij sluiten trouwens goed op elkaar aan om samen aan het tijdschrift te werken. Zij is vooral sterk op het vlak van administratieve, juridische, sociale, … informatie en ik heb wel wat ervaring met het zoeken en verwerken van wetenschappelijke informatie.

Ondanks alle frustraties probeer ik mijn weg voort te zetten. Het parcours blijft in duistere misten gehuld. Ik hoop dan ook vooral dat de lucht na 26 februari opklaart zodat ik terug zicht heb op het pad dat ik in de toekomst wil verderzetten en op de hindernissen die ik daarbij nog zal moeten overwinnen. Ik maak me geen illusies: het wordt een verdere tocht met hindernissen maar gesteund door een groot aantal vrienden, hoop ik sterk genoeg te blijven om de tocht verder te zetten, stapje voor stapje.

Ik hoop jullie met goed nieuws terug te mogen verwelkomen na 26 februari.

Voor jullie ongerust worden

Beste vrienden,

Voor jullie ongerust worden toch wat nieuws, ook al is er weinig spectaculairs gebeurd.

Eerst en vooral wil ik Sinterklaas bedanken voor de verrassende levering. Voor de kinderen onder de lezers, Sinterklaas komt niet langs de schouw, Sinterklaas laat zijn cadeautjes brengen via B-post.  En nog een correctie op de gekende clichés: braaf zijn is niet het belangrijkste, goede vrienden hebben, dat kan helpen. Sinterklaas is namelijk gestuurd door mijn fantastische collega’s van de Biomedische bibliotheek voor wie “uit het oog” helemaal niet “uit het hart” is. Lieve vrienden op Gasthuisberg, het bijzonder plekje dat jullie in mijn hart veroverd hebben, is ondertussen al een gans huis geworden. Ik vergeet dit nooit.

Ondertussen heb ik na advies van de neuroloog mijn dosisschema aangepast. Kort samengevat komt het erop neer dat ik nu één keer meer per dag Prolopa en Comtan neem maar de dosis per inname heb verminderd. Zonder te kunnen spreken van spectacuclaire verbeteringen heb ik toch het gevoel dat dit beter is: de off-periodes zijn toch korter en ook een beetje minder frequent geworden. Dat zorgt er toch voor dat ik per dag enkele goede uren win.

Die uren kan ik goed gebruiken want ik ben ondertussen begonnen met het zoeken naar achtergrondinformatie voor mogelijke bijdragen in het VPL-magazine. Daar kruipt wel wat tijd in maar het is vooral een interessante bezigheid. Ik heb ondertussen weer wat over Parkinson bijgeleerd. Ik hoop dat ik in de toekomst ook anderen iets kan bijleren, niet zozeer over Parkinson maar vooral over informatie zoeken en informatie gebruiken.

Dit werk zorgt er wel voor dat ik minder tijd in mijn blogs kan steken. Ik probeer dit op te vangen door mijn spinsels wat minder uit te spinnen en voor mijn Leuvense geschiedenissen te putten uit oude verhalen.  Zo ben ik een tweede feuilleton begonnen over het oudste universitair college: het Heilige-Geestcollege. De informatie recupereer ik uit mijn eindwerk voor de gidsencursus eind vorige eeuw maar volgens mij is het nog altijd een interessant aanknopingspunt voor verschillende geschiedenissen van de universiteit. Op Facebook merk ik trouwens dat dit gebouw nog altijd geliefd is.

In feite heb ik niets meer te vertellen en daarmee sluit ik een van de kortste spinsels. Volgende keer misschien meer inspiratie.

Groeten,

Wim

Lichtpunten in herfsttijd

Beste vrienden,

Ik wil even enkele positieve nieuwtjes de wereld insturen vooraleer jullie denken dat het allemaal kommer en kwel is hier in Pamel. Met mijn gezondheidssituatie is het gesteld als het weer: herfstig. Moeilijkere periodes zijn talrijker en langer als voordien en af en toe steekt er een “dystonische  storm” op.

Maar gelukkig worden deze dagen verlicht door enkele zeer heldere lichtpunten en wat mij het gelukkigst maakt, is vast te stellen dat jullie, mijn vrienden, zorgen voor deze welkome verlichting. Jullie zijn er inderdaad wanneer ik jullie het meeste nodig heb.

Vooreerst ben ik zeer gelukkig en zeer trots te mogen aankondigen dat mijn collega’s van 2Bergen op mijn voorstel zijn ingegaan en de kine-groep voor Parkinsonpatiënten Fit en Actief geselecteerd hebben als goed doel voor de succesvolle actie “Kennis per kilo”. Vrienden van 2Bergen, jullie bewijzen hier voor de zoveelste keer welke fantastische collega’s jullie zijn. Jullie blijven mij inderdaad elke dag steunen van op grote afstand en telkens wanneer we contact hebben, via telefoon, chat, mail, bezoekjes aan de twee bibs, … is dat een zeer hartelijk moment, een lichtflits die zeer lang blijft nazinderen, zoals de zon die ook licht blijft geven nadat ze achter de horizon is verdwenen.

In een tweede plaats ben ik blij dat een aanslepende kwestie uiteindelijk dan toch zal afgerond kunnen worden met de hulp van een collega gids van Leuven+ en dat mijn canvas in Pamel zal geraken. Met dank aan mijn persoonlijke gelegenheidskoerier, Filip. Ik zie dit ook als een bevestiging van de herstelde relatie met mijn vrienden van de Leuvens Gidsenbond. Ik had een tijd de indruk dat ik met het verlies van het contact met het echte gidswerk ook het contact met jullie aan het verliezen was, maar jullie reacties op mijn blogs bewijzen dat jullie mij niet vergeten zijn en ook daar ben ik zeer blij om.

Ik hoor ondertussen wel minder opbeurende geruchten over de toekomst van de Leuvense Gidsenbond. Vrienden collega’s gidsen van Leuven, wat er ook met de Gidsenbond gebeurt, ik blijf als gids van Leuven achter jullie staan. En al ben ik niet meer actief op het echte gidsenpodium: de straten en pleinen van Leuven, ik blijf mijn liefde voor deze stad verspreiden via digitale kanalen: Facebook en de “Leuvense Geschiedenissen”, het broertje van deze Wimsspinsels. Bij dezen wil ik jullie nog eens uitnodigen om zelf mee te werken aan de Leuvense Geschiedenissen. Dit kunnen jullie door mijn verhalen aan te vullen met bijkomende gegevens, actuele feiten, extra illustraties, … en door zelf jullie Leuvense geschiedenis te schrijven. Ik kijk er al naar uit de eerste gastbijdrage in mijn Leuvense Geschiedenissen te kunnen aankondigen. Alle verhalen van iedereen met een groot hart voor Leuven, en dus zeker ook van de gidsen van Leuven+, zijn welkom. Gidsen van Leuven+, wat er ook met de Gidsenbond en de LGB-krant gebeurt, jullie kunnen de “Leuvense Geschiedenissen” blijven gebruiken om informatie te delen met elkaar en met de buitenwereld.

En dan hebben we natuurlijk ook de start van mijn nieuwe “carrière” als wetenschappelijk journalist. De eerste ontmoeting met Lut, hoofdredactrice van VPL-magazine, was zeer vruchtbaar. Ik voel me ook zeer gesterkt door jullie motiverende reacties op een eerder spinsel. Jullie hebben blijkbaar hoge verwachtingen en ik zal dan ook mijn best doen om jullie hierin niet te ontgoochelen.

Uit het eerste overleg is al een duidelijk beeld gekomen van mijn mogelijke inbreng tot het tijdschrift. Enerzijds zal ik de kans krijgen om lotgenoten te wijzen op het belang van informatie in onze situatie en anderzijds zal ik mijn ervaring als informatiespecialist gebruiken om bronnen te checken, achtergrondinformatie te zoeken, nieuwsberichten te evalueren, publicaties ter beschikking te stellen, … waarbij ik ook reken op de prima dienstverlening van mijn collega’s van 2Bergen. Ik stel ook mijn ervaring met redactiewerk ter beschikking voor het nalezen van bijdragen en eventuele hulp bij het gebruik van internetcommunicatie.

Ik verwacht wel wat van dit nieuw project. Dit zal wel een deel van mijn actieve tijd, die sowieso al aan het slinken was, in beslag nemen. Daarom vermoed ik dat de tijd die ik kan besteden aan mijn blogactiviteiten een beetje zal gereduceerd worden. Ik hoop te kunnen komen tot een frequentie van één post per week voor de twee blogs samen.

Ten slotte wil ik dit spinsel gebruiken om mijn buren in Pamel nog eens expliciet te bedanken voor de steun die ze geboden hebben in de donkerste momenten van de voorbije weken. Zij waren er als ik ze echt nodig had. Het spreekwoord zegt: “Beter een goede buur dan een verre vriend” maar nog veel beter ben je met een goede vriend als buur. Zowel links als rechts van mij kan ik rekenen op zeer goede buren-vrienden. Lieve en Lieven, jullie zijn de beste buren die ik kan dromen.

Tot een volgend spinsel.

Wim.

Waar blijven die spinsels?

Ik heb via via gehoord dat sommigen zich afvragen waar die spinsels blijven. De publicatiesnelheid is inderdaad een beetje gedaald en daar zijn enkele verklaringen voor. Die wil ik even toelichten omdat dit ten eerste iets zegt over mijn situatie en ten tweede om jullie eventueel gerust te stellen.

Een eerste verklaring ligt bij Parkinson. Ik moet jammer genoeg vaststellen dat de lengte en de frequentie van de off-periodes toenemen en die van de on-periodes afnemen. Ik hoop dat deze achteruitgang na 26 februari wordt stopgezet zodat ik terug meer tijd heb om zinvol bezig te blijven. Want dat vind ik het meest frustrerende aan de langdurige off-periodes: ik kan praktisch niets doen, me concentreren lukt niet, bewegen gaat moeilijk, … Ik schrijf dit in de eerste persoon omdat dit mijn ervaringen zijn en omdat ik niet weet of die vaker voorkomen bij parkinsonpatiënten.

Ik heb wel de indruk dat zowel de fysische als de psychisch-cognitieve stoornissen altijd iets met coördinatie en volgorde te maken hebben. Ze bevestigen als het ware de titel van het wetenschappelijk artikel dat ik nog eens moet lezen: “From symphony to cacophony”. Blijkbaar is een groot aantal symptomen te verklaren door een storing in de informatiestroom door bepaalde zenuwbanen zodat de coördinatie van de commando’s verstoord wordt. Het is een beetje als een orkest zonder dirigent waarbij de muzikanten niet meer weten wanneer ze moeten beginnen spelen.

Maar er zijn nog andere oorzaken van vertraging in de productie van Spinsels. Een tweede verklaring heeft eenvoudigweg te maken met andere activiteiten. In feite is dit goed nieuws want dat betekent dat ik zeker voldoende te doen heb om in de on-periodes ook echt bezig te zijn en de kans klein is dat ik uit verveling aan nare dingen begin te denken. Die bijkomende activiteiten zijn zeer divers van aard: dat gaat van aardappelen schillen tot een artikels vertalen voor het VPL-tijdschrift, of van een spelletje “regenwormen” tot het samenstellen van “Internettips” voor de LGB-krant.

Een derde en een laatste verklaring vind ik in de status van mijn creatieve reserve. Toen ik aan mijn twee blogs begon, had ik voor elk al enkele onderwerpen die in mijn hoofd zo goed als klaar waren om uitgeschreven te worden of – voor de Leuvense Geschiedenissen – die ik mits enkele aanpassingen kon overnemen uit oudere documenten die ik nog liggen had. Die reserve is stilaan uitgeput. Niet dat ik geen onderwerpen meer heb, ik heb voor elke blog zeker nog voldoende onderwerpen om tot einde februari (26/2) elke week een aflevering te verzorgen, maar de onderwerpen die ik nu nog heb, vragen nog wat studie- en voorbereidingswerk. Die vloeien niet rechtstreeks uit mijn digitale pen.

Zo weten jullie ook waarom jullie soms wat langer moeten wachten en zo is tegelijkertijd die wachttijd doorbroken.

Tot een volgend volwaardig spinsel.